Antroposofie is de visie die mijn werk ondersteunt.
Het is aan het begin van de twintigste eeuw ontwikkeld door Rudolf Steiner.
De antroposofie plaatst de ervaringen van een shiatsu-sessie in een ruim en helder kader dat zich constant ontwikkelt.
Het verschaft beelden en concepten die een voortdurende verdieping geven van de kennis van de mens, van het universum en van hun onderlinge verbanden en invloeden.
Het geeft ook concepten die het mogelijk maken de bedoeling van lijden en ziekte te bevatten en in te voelen. Dit geeft al blijk van wat de grondslagen voor genezing zijn.
De inzet van deze lering is om een wetenschap van ziel en geest te vestigen, zoals die er ook van de fysieke wereld is. Ze gebruikt bijvoorbeeld wetenschappelijke standpunten om te ontdekken wat het onzichtbare domein van de mens is: zijn gedachten, gevoelens en wil.
Het is de weg van de kennis, van meditatie en persoonlijke en sociale ontwikkeling.
De Chinese geneeskunde plaatst de mens in een cyclisch perspectief van evolutie en involutie, samengevat in het beroemde Yin/Yang-symbool. De antroposofie voegt hier nog het begrip creatie aan toe; het vermogen van elk individu om aan het universum iets totaal nieuws en persoonlijks toe te voegen, iets dat elke programmering ontgaat, zowel natuurlijk als cultureel. De ontwikkeling van de persoonlijke vrijheid en de naastenliefde zijn de krachten die deze schepping-vanuit-het-
niets mogelijk maken.
Dit toont ook de positieve waarden van de ontwikkeling van het ego. Ons tijdperk heeft deze waardering nodig als hij zijn evolutie wil realiseren. Het ego is feitelijk verbonden met lijden en met ziekte, maar verhult ook het vermogen om zichzelf te ontwikkelen en boven zichzelf uit te stijgen. Wat iemand op eigen kracht overstijgt is van invloed op de ontwikkeling van het universum in zijn totaliteit.